Op naar meer zichtbaar erfgoed!
De eerste fase om het erfgoed van de TU Delft zichtbaar te maken voor publiek zit erop. Op http://erfgoed.tudelft.nl vind je een overzicht van 42 typemachines en rekenmachines, waarvan ~ de helft met een interactieve 360 graden animatie te bewonderen is. Na het preloaden van de images kan je met de muis de objecten ronddraaien.
We willen hierbij ons stappenplan delen zodat iedereen die dat wil ook aan de slag kan om interactieve 360 graden animaties te maken. De groep die verantwoordelijk was voor de ontwikkeling van de web applicatie en het bewerken van de foto’s hebben een intern blog bijgehouden voor kennisuitwisseling. In dit stappenplan verwijzen we af en toe naar de details in die posts welke als attachment bijgevoegd zijn.
1. Het creëren en verzamelen van content (foto’s en metadata)
1a. Foto’s maken van erfgoedobjecten
We hebben een digitale spiegelreflex camera, een desktop computer en producten voor 360 graden productfotografie van het bedrijf FotoCube (www.fotocube.nl) gebruikt. Gezien de range van gewichten waar we met onze erfgoedobject mee te maken hebben kozen we voor deze geautomatiseerde draaitafel tm 18 kg: http://bit.ly/nQS1qe. Er wordt een stuurprogramma meegeleverd die je op een computer (Windows) installeert. Je kan het aantal te nemen foto’s voor de 360 graden animatie instellen, van 4 tot 144. Wij hebben 72 foto’s gedaan. Dat geeft al een heel vloeiend beeld. De camera wordt middels een USB kabel aangesloten op de computer. Het stuurprogramma zorgt ervoor dat de draaitafel steeds één stapje roteert en de camera een seintje krijgt om een opname te maken. Zie onderstaande plaatjes voor de opstelling.
Aansluiting draaitafel en camera op computer
Impressie van de opstelling met een groot hangend wit vel als de achtergrond
Schematische weergave van de opstelling
Deze tak van fotografie heet studiofotografie. Afhankelijk van budget en tijd kan je kiezen om een professionele fotograaf in te huren of om met eigen personeel te werken met basiskennis van fotografie. Bedrijven als FotoCube en 3Dweb.nl kunnen ook het hele nabewerkingstraject (genereren van de animatie) voor je doen. In het eerste geval beschik je snel over je foto’s en meteen van goede kwaliteit. Wij hebben ervoor gekozen alles zelf te doen, waardoor we iets meer tijd kwijt geweest zijn naar het zoeken van de juiste technieken en materialen. Voordeel is wel dat nu we de foto-opstelling eenmaal hebben en kunnen laten staan, we in de verloren uurtjes stug door kunnen gaan met het digitaliseren van objecten tegen lage kosten. Bij de TU Delft is deze optie aantrekkelijk omdat we duizenden erfgoedobjecten hebben. Advies als je het zelf gaat doen: haal een goed boek met theorie over studiofotografie en ga experimenteren.
De erfgoedobjecten verschillen onderling zo sterk van grootte, kleur, glans, etc. dat we per object steeds opnieuw de belichting moesten instellen. Omdat het voor onze toepassing belangrijk is dat alle details duidelijk zijn hebben we gestreefd naar een zo groot mogelijke scherpte-diepte in de foto’s. Dat krijg je met een klein diafragma. Wat betreft de belichting en flitsers is er niet echt een vast recept, dit is sterk afhankelijk van het object, opstelling ….en smaak. Voor de belichting hebben we ook softboxes gebruikt (http://en.wikipedia.org/wiki/Softbox). We wilden het liefst niets meer zien van de draaitafel en het witte vel dat achter de objecten hing, maar we kwamen erachter dat de gevoelswaarde van de foto’s dan erg laag was. Zorgen voor een klein beetje schaduw onder de objecten maakt dat ze meer tot leven komen. Wel zo belichten dat je slechts één schaduw krijgt. Per object een ideale hoek kiezen om het object goed tot zijn recht te laten komen.
Specifieke bevindingen van de software van FotoCube: mwoah. De software is nogal gebruiksonvriendelijk, buggy en onthoudt maar beperkt je instellingen. Was ook een hele toer om de poort te herkennen waarop de camera aangesloten was. De instructies van de leverancier: www.fotocube.nl/content/38-video-tutorial. Uiteindelijk wel aan de praat gekregen en ermee kunnen werken. FotoCube levert verder nog software mee voor het maken van de animaties. Dat programma heet Object2VR en is van leverancier http://gardengnomesoftware.com. Dat programma vonden we te beperkt. Het levert animaties op die minder goed werkten in verschillende browsers. Zie verder onder het kopje “Design en development web applicatie” voor onze inspanningen om een goede animatie viewer te selecteren.
Omdat we animaties van verschillende grootten nodig hebben zijn we gaan experimenteren wanneer we de beste kwaliteit krijgen: op verschillende resoluties schieten of gewoon alleen de hoogste resolutie en daarna resizen naar de gewenste grootte. Uitkomst: op zo hoog mogelijke resolutie schieten en daarna resizen met een fotobewerkingsprogramma.
1b. Creëren en aggregeren van metadata
Dit is heel specifiek of je al metadata (gegevens over de objecten, zoals naam, fabrikant, ontwerper, etc.) hebt of dat ze nog opgesteld moeten worden. Wij hebben de virtuele collectie samengesteld uit erfgoedobjecten van twee fysieke collecties, elk beschikkend over een eigen catalogus. De twee collectiehouders hebben samen de objecten voor de virtuele collectie geselecteerd en één daarvan heeft de metadata velden geharmoniseerd en alle data handmatig geaggregeerd in een Excel bestand dat opgemaakt is volgens afspraken met de web applicatieontwikkelaars.
2. Bewerken en laden content (foto’s en metadata)
2a. Foto’s
We hadden gedacht nog redelijk wat aan nabewerking van de foto’s te moeten doen, bijv. croppen, maar dat viel heel erg mee (dankzij onze wereldfotograaf Sander!). Zorg ervoor dat je tijdens het fotograferen al goed kadert, dat bespaart later heel veel werk. Semi-geautomatiseerd croppen met Photoshop is wel mogelijk (zie bijgevoegde blog extract), maar toch een hoop werk omdat je het kader per object moet instellen. We hebben uiteindelijk niet meer gecropt, het oogt fijn om een beetje ruimte rondom de objecten te houden.
We hebben Photoshop gebruikt voor alle fotonabewerkingen: opscherpen, auto-levels, auto-contrast en resizen naar alle gewenste resoluties.
We hebben Adobe Bridge gebruikt voor het batch renamen van bestandsnamen. Van tevoren hadden we wel afspraken gemaakt voor naamgeving, maar er sluipen altijd foutjes in (bijv. spatie die niet goed zichtbaar was op moment van maken van de foto’s) die niet te voorzien zijn. Bovendien kan je van tevoren niet exact inschatten wat prettig is om alle bestanden uit elkaar te houden. Zie onderstaande plaatjes voor het eindresultaat.
Er zijn ook gratis fotobewerkingsprogramma’s (bijv. IrfanView voor Windows). Let in ieder geval op het verschil in kwaliteit van fotobewerking. Photoshop doet het uiteraard goed. Zowel Photoshop als IrfanView kunnen batch bewerkingen uitvoeren (zie bijgevoegde blog extract voor details over Photoshop).
2b. Metadata
Waarin je de metadata opslaat is zo specifiek per organisatie (database of file based, welk type/product) dat we hier alleen ter inspiratie even kort aangeven hoe wij dat gedaan hebben (exacte werkbeschrijvingen en scripts op verzoek verkrijgbaar bij m.c.kuyper@tudelft.nl). De Excel bestanden zijn geconverteerd naar XML, gewoon met Excel via Save As “Excel 2004 XML Spreadsheet (.xml)” (exacte mogelijkheden verschillen van platform tot Excel versie). Daarna met XSLT opgeschoond en geconverteerd naar één XML bestand waar de beschrijvingen van alle 42 erfgoedobjecten in zitten. Dit is een tijdelijke opslagvorm tot onze institutionele repository gereed is om museale objecten te kunnen laden.
Stukje van het Excel bestand met metadata
Stukje van het XML bestand met metadata
3. Design en development web applicatie
Na geïnspireerd te zijn geraakt door de iPad app “The Elements” http://bit.ly/bX5Pwx hadden we bij aanvang van het project het plan om een dedicated app voor onze touch tables te maken. Al snel realiseerden we ons dat de focus op het benutten van de mogelijkheden van zo’n touch table niet geschikt was om onze doelgroep (design studenten) maximaal te bereiken. Daarom hebben we ons doel bijgesteld naar maximale toegang door het ontwikkelen van een dedicated web app, waarbij we binnen redelijke grenzen ons best te doen die op standaard moderne devices te laten draaien (desktop, netbook, tablet en smartphone).
Iets dat niets met het virtuele erfgoed te maken heeft maar wel speelt bij de TU Delft Library, is dat we op het punt staan onze web development tools te heroverwegen. De komst van mobiele devices vraagt dat onze applicaties op meer platformen (Android, iOS, Blackberry OS) en browsers kunnen werken dan een paar jaar geleden. Ook moeten we diversificeren in ondersteunde schermgrootten en use-cases per device. Voor ons ligt er een duidelijke grens bij een schermresolutie van 1024. Daarboven kan je uitgaan van rijke functionaliteit die ook wat schermoppervlak mag vragen. Onder de 1024 gaan moet een site wel werken en netjes tonen, maar zijn niet alle features zinnig.
Vanwege onze cross-device behoefte wilden we al een tijdje GWT (Google Web Toolkit, http://code.google.com/webtoolkit) uitproberen en zijn daar in dit project mee gestart. GWT is een relatief nieuw web framework. Je programmeert in Java en kan gewoon debuggen. De compiler genereert een single-page AJAX app. Niet één, maar een reeks verschillende bundels geoptimaliseerd voor de belangrijkste browsers. De winst ligt in alle JavaScript die voor je gegenereerd wordt en dat je een betere cross-platform app krijgt dan je zelf kan bijbenen. Het enige onderdeel waar we wel energie in moeten stoppen om apps cross-device te laten functioneren is de CSS.
We hebben redelijk wat inleertijd nodig gehad om er achter te komen wat de laatste stand van zaken is mbt de voorkeurs GWT technieken. Er wordt namelijk op meerdere fronten aan gewerkt (Google GWT core team, Google projecten zoals GMail en derden). Uiteindelijk zijn we met deze architectuur aan de slag gegaan: http://code.google.com/webtoolkit/articles/mvp-architecture.html en de bijbehorende “Contacts” sample als basis gebruikt.
Voor de 360 graden interactieve animatie hebben we gezocht naar een viewer die veel platformen ondersteund en een simple en prettige bediening heeft. De viewer die Object2VR genereert voldeed niet aan onze wensen. Zie verder de bijgevoegde posts voor details. We hebben uiteindelijk de www.360-javascriptviewer.com geselecteerd (in de markt gebracht door www.3dweb.nl). Hij ondersteund veel platformen, is licht en snel. Nadeel is wel hij linkt naar online libraries van de fabrikant, dus gebruiken buiten bereik van internet is er niet bij.
Volgorde van werken
Bovengenoemde drie stappen kunnen redelijk parallel uitgevoerd worden. Zodra er afspraken gemaakt zijn in welk format de metadata aangeleverd wordt kan al begonnen worden met het ontwikkelen van een script voor het bewerken en laden van de data. Dat geldt ook voor de foto’s. Men kan een hele tijd vooruit met een set dummy foto’s die men van de draaitafel leverancier krijgt. Ook de web applicatie kan een tijdje redelijk onafhankelijk vooruit zonder te beschikken over de uiteindelijke content. De hoeveelheid metadata is zeer beperkt en men kan wederom werken met een set dummy foto’s en metadata.
//
Wij hebben met veel plezier aan het zichtbaar maken van erfgoed gewerkt! Het lijkt veel werk, maar wij sorteren dan ook voor op veel objecten zichtbaar maken. Als je slechts een paar objecten wilt laten zien kan het allemaal veel simpeler kan het heel leuk zijn als creatief project in het basis- of middelbaar onderwijs.
SURFnet | Kennisnet, bedankt voor de ondersteuning!
Han Heijmans, Ger Bruens, Sander van Dam, Rene Hagman, Jan van der Heul, Robin Barbier, Michel Beerens, Jessica van den Doel, Arent Bosman, Monique IJzinga, Erwin Werkers, Michel de Ridder en Marjolijn Kuyper
Attachment: Eindrapportage – app dev and it blog





